DISPLAYS EN STEMBEDIENING
}}
* Optie/accessoire.
97
Het symbool gaat ook tijdelijk branden op het
head-updisplay*, als de auto daarmee is uitge-
rust.
Wijzig de eenheid voor o.a. de temperatuur-
meter via systeeminstellingen in het hoofd-
scherm op het middendisplay.
Gerelateerde informatie
•
Bestuurdersdisplay (p. 86)
•
Systeemeenheden wijzigen (p. 137)
Controle- en
waarschuwingssymbolen
De controle- en waarschuwingssymbolen wij-
zen u erop dat een functie geactiveerd is, dat
een systeem werkt of dat er een gebrek of
een ernstige fout is opgetreden.
Rode symbolen
Waarschuwing
Het rode waarschuwingssym-
bool gaat branden, wanneer er
een storing is geregistreerd die
van invloed kan zijn op de veilig-
heid of de rijeigenschappen van
de auto. Er verschijnt tegelijker-
tijd een verklarende tekstmelding
op het bestuurdersdisplay.
Het waarschuwingssymbool kan
ook gaan branden in combinatie
met andere symbolen.
Gordelwaarschuwing
Gaat branden of knipperen als
iemand in de auto geen veilig-
heidsgordel om heeft.
Airbags
Er is een storing geregistreerd in
een van de veiligheidssystemen
van de auto.
Lees de melding af op het
bestuurdersdisplay en neem con-
tact op met een werkplaats.
Volvo adviseert u contact op te
nemen met een erkende Volvo-
werkplaats.
Storing in remsysteem
Er is een storing opgetreden in
het remsysteem.
Lees de melding af op het
bestuurdersdisplay en neem con-
tact op met een werkplaats.
Volvo adviseert u contact op te
nemen met een erkende Volvo-
werkplaats.
Parkeerrem
Brandt constant: de parkeerrem
is geactiveerd.
Knippert: er is een storing opge-
treden met de parkeerrem. Lees
de melding op het bestuurders-
display.