OPBOUW
Voor de TURNY kan worden gebruikt, dient u eerst de stekkers te controleren en aan
te sluiten. In de volgende lijst met aansluitingen corresponderen de nummers met
Afbeelding 1. De aansluitingen zitten aan de achterzijde van de TURNY.
Voedingskabel
De voedingskabel heeft een driepolige stekker. Deze wordt aangesloten op het
meest linker contact (nummer 1). Nadat u gecontroleerd heeft of de hoofdschakelaar
uitgeschakeld is (nul ingedrukt), kunt u de driepolige stekker in het contact steken en
de stekker aan het andere eind van het snoer in het stopcontact steken. De stekker
en aansluitingen zijn zo gemaakt, dat iedere stekker slechts in een aansluiting past,
tenzij geweld wordt gebruikt. De stekker heeft een ring die zo ver mogelijk naar
beneden gedraaid moet worden, voor de stekker wordt aangesloten. Aangezien de
stekker slechts op een manier in het contact past, moet dit vrij eenvoudig gaan.
Wanneer de stekker niet past, probeer dat dan niet alsnog met geweld te doen, maar
draai voorzichtig aan de stekker tot deze past. De ring die u eerst naar beneden hebt
gedraaid, maakt het mogelijk de stekker vast te zetten. Druk hiervoor de ring naar
boven en draai hem aan.
Kabel van de arm
Aan het eind van de arm, waaraan de kleefrol is bevestigd, bevindt zich een kabel
met een vijfpolige stekker. Deze kabel dient voor de besturing van de magneet, die
de plastic pen aan het einde van de arm blokkeert. Deze kabel wordt op het tweede
contact aangebracht (nummer 2). De ring wordt daarna weer vastgedraaid.
Kabel van de dwarsbalk
De derde kabel bevindt zich aan de zijkant van de onderste dwarsbalk met de
beweeglijke klep. Deze bestuurt de motor die de kleppen in beweging zet. De kabel
is voorzien van een vierpolige stekker, die op het rechter contact (nummer 3)
aangebracht wordt. Voor deze stekker geldt hetzelfde als bij de voedingskabel
beschreven is. Draai ook hier de ring weer vast.
Luchtdrukschakelaar
De slang van de blaasbalg, waarmee de TURNY kan worden bediend, wordt op de
luchtdrukschakelaar (nummer 6) aangesloten. Het aansluitpunt is de zwarte nippel,
die rechts van de overige contacten (nummer 4, 5) zit. Schuif de slang zo ver
mogelijk over deze nippel en plaats de blaasbalg waar u hem wenst. Zorg ervoor dat
de slang nergens knikt of bekneld raakt.
4