6.
Afstandsbediening
Aan/uit knop
Druk op de aan/uit-knop om het product in of uit te
schakelen.
Het product werkt standaard in de ventilatorstand.
Modus
Druk op de modusknop om verschillende
werkingsmodi in te schakelen: koel, droog, ventilator
en slaapstand.
Voor koelen
Druk een aantal keer op de modusknop totdat de
indicator voor de koelmodus oplicht.
Druk op de omhoog/omlaag knop om de
temperatuur aan te passen. De temperatuur kan
worden ingesteld tussen 16℃ en 32℃.
Druk op de snelheidsknop totdat de indicator voor
de gewenste ventilatorsnelheid oplicht.
Regel de richting van de luchtstroom door op de
swingknop te drukken.
Voor ventilatie
Druk een aantal keer op de modusknop tot de ventilatorstandindicator
oplicht.
Tijdens het ventileren wordt de lucht in de kamer gecirculeerd, maar niet
gekoeld.
Druk herhaaldelijk op de snelheidsknop om de gewenste
ventilatorsnelheid te selecteren.
Om te drogen
Druk op de modusknop totdat de droogindicator oplicht. Sluit de slang
aan op de afvoeropening aan de onderkant van het product.
In deze modus schakelt de ventilatorsnelheid naar lage snelheid en kan
de temperatuur niet worden geselecteerd.
Slaapstand
Deze kan worden geactiveerd in de koelmodus.
In de koelmodus : De vooraf ingestelde temperatuur wordt na elk uur met
1 ℃ verhoogd.
De airconditioner stopt als de kamertemperatuur lager is dan de
geselecteerde temperatuur.